Wat er verandert bij verlagen
Bij de meeste wielophangingen beschrijft het wiel bij het inveren een boog. Een auto die lager staat, staat permanent in een ingeveerde stand. Daardoor veranderen twee hoeken tegelijk: de camber wordt negatiever en het toespoor verschuift. Hoeveel precies, hangt af van het type ophanging. Bij een McPherson-voorophanging zijn het vaak enkele tienden van een graad per 10 mm; bij een multilink-achterophanging kan het meer zijn.
De drie hoeken
| Hoek | Wat het is | Effect van een afwijking |
|---|---|---|
| Camber | Schuinstand van het wiel van voren gezien | Te negatief: slijtage aan de binnenrand, meer grip in de bocht |
| Toespoor | Wielen naar elkaar toe of van elkaar af, van boven gezien | Veertanden op het loopvlak, snelle slijtage, onrustig rechtuit |
| Caster | Helling van de fuseeas van opzij gezien | Minder terugstelkracht en stabiliteit, of juist zwaarder sturen |
Toespoor is de hoek die het meest slijtage veroorzaakt. Een afwijking van enkele millimeters over de velgrand laat een band over elke kilometer een stukje zijwaarts schuren. Camber veroorzaakt slijtage vooral in combinatie met een verkeerd toespoor.
Instelbaar of niet
Toespoor is bij vrijwel elke auto voor in te stellen via de spoorstangen, en bij veel auto's met onafhankelijke achterophanging ook achter. Camber is af fabriek vaak beperkt of niet instelbaar. Voor verlaagde auto's bestaan daarom:
- Excentrische bouten in de veerpoot-fuseeverbinding, die enkele tienden tot ruim een graad correctie geven.
- Instelbare topmounts, vaak onderdeel van een schroefset.
- Verstelbare draagarmen achter voor auto's met multilink.
Waarden voor de straat
De fabriekswaarden in het uitlijnrapport zijn de referentie. Voor een verlaagde straatauto is een camber tot ongeveer min 1,5 graad voor gangbaar zonder opvallende slijtage, mits het toespoor op nul of licht toe staat. Waarden die voor circuitgebruik worden genoemd, zoals min 2,5 graad of meer, kosten op de openbare weg merkbaar bandenleven.
Wanneer uitlijnen
- Na elke wijziging aan veren, schroefset of draagarmen.
- Na het vervangen van spoorstangen of spoorstangeinden.
- Na een stevige klap tegen een stoeprand.
- Als het stuur rechtuit scheef staat of de auto trekt.
Het rapport lezen
Een uitlijnrapport toont per wiel de gemeten waarde voor en na de afstelling, met de fabriekstolerantie ernaast. Groen betekent binnen de tolerantie. Bij een verlaagde auto zijn ook de waarden die niet instelbaar zijn het bekijken waard: die laten zien of er nog ruimte is voor correctie met extra onderdelen.